Gravelen in Brabant

Er zijn een paar plekken in Nederland die schreeuwen om ontdekt te worden met een racefietsje met dikke bandjes. Achterhoek, Twente, Drenthe zijn de klassiekers. Maar Brabant is dat zeker ook. En laat dat nou op een steenworp afstand liggen van onze huidige woonplaats. Gravelen in Brabant.

Tja, het verschil tussen 'Gravelbiking', 'Bikepacking', 'Vakantiefietsen', 'Mountainbiken', enz is vaak heel diffuus. Lees de berichten maar op verschillende internetfora of Facebook groepen en je wordt vermaakt met schitterende definities of je ergert je kapot aan diezelfde definities. Wij behoren tot de eerste groep en combineren er lustig op los.


We starten bij de kerk in het plaatsje Effen, net onder Breda. Paar kilometer asfalt en je duikt zo de bossen in. Dit weekend staat in het teken van het gewend raken van twee Santos Gravelmasters. Gravelbikes met 50 mm dikke banden, racestuurtje en heel weinig bagage. Rolzakje aan het stuur voor Marco en een zadeltas voor Lisette. Tandenborstel, wat kleding en boterhammen met pindakaas. Meer zit er niet in.

En om het nog makkelijker te maken hebben we ons niet eens verdiept in de route. Op de mooie website Gravelritten.nl van Martine Hofstede vinden we een mooie route van 2 dagen. En omdat we toch op dreef zijn, we boeken zelfs een B&B. Kortom: heerlijk fietsen, genieten van de omgeving en wennen aan de nieuwe bikes.

De route is schitterend. We komen heel weinig asfalt tegen. Ongelofelijk hoeveel onverharde paden er in Nederland zijn. Soms lopen paden langs landbouwvelden, soms dwars door bossen en soms zijn het specifieke mountainbike paden waar het met een gravelbike goed te fietsen is. In Nederland zijn er heel veel onverharde paden die door al het ongemotoriseerde verkeer gebruikt mogen worden. Je deelt dat dus met wandelaars, honden, natuurliefhebbers. In de media horen we soms verschrikkelijke verhalen hoe wandelaars en fietsers elkaar in de weg zitten maar eerlijk gezegd hebben wij dat nog nooit mee gemaakt. Gewoon rustig remmen, praatje maken en weer verder fietsen. En als we in gebieden komen met heel veel wandelaars fietsen we gewoon een blokje om. Zo leuk om te zien hoe lief mensen reageren als je met het delen van het pad een beetje relaxed omgaat.

Tijdens de eerste wereldoorlog was de grens tussen Nederland en Belgie stevig afgesloten door middel van de 'dodendraad'. Nu kun je gelukkig overal fietsen maar soms zie je overblijfselen uit die tijd op de route terug. Heel indrukwekkend. De eerste Wereldoorlog is een afschrikwekkende periode uit onze geschiedenis geweest. Nederland was weliswaar neutraal maar de ellende die onze zuiderburen over zich hebben hebben gekregen is voelbaar. De Canadese militaire arts en dichter John McCrae heeft het gedicht 'In Vlaanderens velden' geschreven. Even diep adem halen en lezen.


“In Vlaanderens velden bloeien de klaprozen

Tussen de kruisen, rij aan rij

die onze plek aangeven; en in de lucht

vliegen leeuweriken, nog steeds dapper zingend

al hoor je ze nauwelijks te midden van het kanongebulder aan de grond."



De tocht is voor elke getrainde fietser goed te doen. Maar toch zijn er wel stukken waar je even flink door moet trappen. Mul zand gecombineerd met harde wind in een open vlakte maakt het toch even uitdagend, We zijn gelukkig maar licht bepakt en met de 50 mm G-One banden ploegen we daar prima doorheen. Moet eerlijk zeggen dat het wel iets heeft om diep gebogen in de beugels van je racestuur door het zand te ploeteren. Brengt ons terug naar de studententijd. Veldritten op een oude racefiets in de winter. 23 mm bandjes, kapotte trapas (alles wat draaide was altijd kapot), banden die lek reden en in mijn gedachte was het altijd ijzig koud met natte sneeuw of hagel. Dan zijn de gravelbikes van nu luxepaarden.

Wij rijden door heel veel verschillende gebieden. De Eenderheide, natuurlijk de Kempen, de Peelsche heide, Chaamse bos, Alphense heide, landgoed Utrecht, enz, enz. grote delen gaan ook door Belgie. En dat is best wel een aangename verrassing. De paden zijn erg rustig en we komen geen wandelaar of fietser tegen.



Santos Gravelmaster

En dan de fietsen. We reden op de Santos Gravelmaster.

Op dit moment hebben we er nog maar 500 kilometer op gefietst en dat is natuurlijk geen duurtest. Maar eerlijk gezegd gaan we de fietsen niet testen om te zien of de fiets het uithoudt. Met maar een paar kilo bagage en een eigen gewicht van rond de 70 kilo zou het wel heel gek zijn als de boel kapot gaat.


Wat viel ons op?

De fiets is lang. Lange bovenbuis. Dat zorgt ervoor dat je een hele korte stuurpen nodig hebt. En dat heeft gevolgen. Op echte stevige technische mountainbike parcours is de wielbasis net ietsjes te lang om hele scherpe haakse bochten te maken. Natuurlijk kan dat wel maar daar is de fiets niet echt voor gemaakt. Maar daar staat tegenover dat de fiets ontzettend strak door reguliere bochten stuurt. Dat verbaasde ons enorm....in positieve zin. Gewoon lekker in de beugels blijven zitten en onverhard strak door de bocht gaan. Dat durven we niet op onze gewone racefietsen. Uiteraard helpen de 50 mm G-One banden daar waarschijnlijk ook heel goed bij.


Marco is helemaal weg van het Brooks zadel. Lisette vond het helemaal niets.

Zo zie je maar weer, zadels zijn zo verschrikkelijk persoonlijk. Lisette vond het zadel achteraan, bij de zitbotjes prima. Ook de hardheid is achter goed. Vooraan werkte voor haar de hardheid en de lengte van de punt contra productief. Marco heeft daar helemaal geen last van. Eerlijk gezegd kan je met deze informatie niets. Gewoon zelf uit proberen. Is gelukkig wel een Brooks zadel die niet afgeeft en die je niet in hoef te smeren met ledervet.


En dan het stuur.....oh zo lekker. Was wel even wennen. Het stuur heeft aan de bovenkant een verhoging en de beugels lopen wijd uit. Als wielrenner ben je in de eerste kilometers even de weg kwijt. Want eigenlijk wil je diep en smal zitten en nu zit je minder diep en breed. Maar dat heeft allemaal te maken met het doel van de fiets. Je fietst hiermee op gladde asfalt wegen en op slechte paden met boomwortels. En als je dat doet begrijp je ineens de opbouw van de fiets. Door de korte stuurpen kunnen we redelijk 'rechtop' zitten als we stapvoets van boomwortel naar boomwortel moeten sprinten. We kunnen iets dieper zitten bij de remgrepen als de stijl naar beneden gaan en we kunnen lekker in de beugels zitten, en toch de fiets onder controle houden, op onverharde paden.

Schakelen doen we met de remhandels. Voor wielrenners niets nieuws. Dat doet Shimano al jaren. Maar voor een Rohloff naaf is dat niet standaard. Dat ging verrassend goed. Per klik schakel je een versnelling op of af. De rechterhandel voor op schakelen en de linker voor neer schakelen.


We weten nog niet precies hoe het komt maar we fietsen nu meer en meer op deze fiets. We denken dat de oorzaak ligt in het feit dat het een 'gemakkelijke' fiets is. Daarmee bedoelen we dat je de fiets niet enorm gaat aanpassen voor je fietsvakantie. Geen gekke toeters en bellen erop. Gewoon lekker clean en rijden over alle paden die je tegenkomt. De manier waarmee je met deze fiets fietst laat zich makkelijk aanpassen aan je stemming. Racen, toeren, gravelbiken, het gaat moeiteloos in elkaar over. Binnenkort wonen we in Twente en we kijken nu al uit naar de klinkerwegen.


204 views0 comments

Recent Posts

See All
Original on Transparent.png